Selderhuis, de man achter Calvijn

Selderhuis dankzij Calvijn aan mobieltje

Activiteiten in 500e geboortejaar Geneefse reformator namen een hoge vlucht

Nederlands Dagblad, Gerald Bruins, kerkredacteur, 30 oktober 2009

APELDOORN - Met een congres en een reformatieherdenking neigt het Calvijnjaar naar zijn einde. Het jubileum bracht Herman Selderhuis aan de zijde van koningin Beatrix.

Dankzij Calvijn ging prof. Herman Selderhuis aan de mobiele telefoon. Daarvóór liet de kerkhistoricus uit Apeldoorn de balans tussen werk en privé niet verstoren door het almaar afgaande apparaat. Maar de activiteiten in het vijfhonderdste geboortejaar van de beroemde hervormer uit Genève namen zo'n vlucht dat hij overstag ging en voortaan per mobiel te bereiken is. ,,Het is ons overkomen'', zegt de directeur van het Instituut voor Reformatieonderzoek terugblikkend. Hij weet nog hoe op een internationaal Calvijncongres in 2006 de alarmbel werd geluid: let op, het jubileumjaar komt eraan. ,,Maar terug in Nederland ontmoette ik veel scepsis. Calvijn, ach, daar komt toch geen hond op af, was zo'n beetje de houding. Dat prikkelde mij en maakte mij strijdbaar. Ik dacht: dat zullen we nog wel eens zien.''

Selderhuis' voorgevoel bleek juist. Het Calvijnjaar bracht een hausse aan activiteiten: congressen, lezingen, debatten, boeken, speciale Calvijnwijn en -bonbons, een nationale herdenking en overvloedige aandacht in de media. Selderhuis spreekt van een sneeuwbaleffect, te beginnen met de Calvijnexpositie in Dordrecht. Zijn organisatie speelde een coördinerende rol en richtte in allerijl een werkgroep op met vertegenwoordigers uit de meeste kerkgenootschappen in ons land.

Zelf vertrok hij geregeld naar het buitenland voor een toespraak. Bij de opening van de tentoonstelling in Dordrecht - die tegen de verwachting in 100.000 bezoekers trok - was hij terug te vinden aan de zijde van koningin Beatrix. In april bevond hij zich in het gezelschap van een aantal kerkleiders en premier Balken­ende in het regeringsvliegtuig, op weg naar de Duitse Calvijntentoonstelling in Berlijn.

Honneurs

De vraag is welke rol Selderhuis speelde. Stond hij terecht aan de zijde van deze prominenten of viel het licht op hem, terwijl anderen het werk deden. Hij is de man met de ideeën, valt in zijn omgeving te beluisteren. ,,En een geboren netwerker'', voegt een ingewijde toe. ,,Hij is een bekend kerkhistoricus, met contacten over de hele wereld. Hij weet mensen met zeer uiteenlopende achtergronden bij elkaar te brengen. Terecht dat hij de koningin mag begeleiden.''

Je moet ook een beetje gek wezen, zegt de hoogleraar met zijn kenmerkende Twentse tongval. ,,Zo kwamen we op het idee de zwaar bevindelijk-gereformeerde ds. C.J. Meeuse in debat te laten gaan met de vrijzinnige Anne van der Meiden. Dat wilden ze best.'' Maar voor het organiseren heeft hij anderen nodig. ,,Dat kan ik niet goed'', geeft Selderhuis toe. Hij noemt zijn collega's Karla Apperloo, die de organisatie en inhoud van de expositie in Dordrecht voor haar rekening nam, en William den Boer die de andere Calvijnactiviteiten coördineerde.

Hoe verklaart hij dat een zestiende-eeuwse theoloog met het beroerde imago van een scherpslijper die mensen met droge ogen naar de hel stuurde zoveel aandacht krijgt, ook bij seculiere media en organisaties? De kerkhistoricus wijst op de algemene herleving van de aandacht voor religie en spiritualiteit. Bovendien staan Nederlanders bekend als een calvinistisch volk. In een Europa dat steeds meer een wordt, willen we weten waar onze wortels liggen, denkt hij. De laagdrempelige aanpak van veel Calvijnactiviteiten trok ook mensen, vermoedt de hoogleraar. ,,Calvijn is vooral bekend van zijn boeken. Bij de lesbrief voor scholen gaven we een dvd-presentatie mee, en op de expositie in Dordt zijn veel filmpjes te zien.''

Een doelstelling van het Calvijnjaar was ook het fletse imago van de Geneefse hervormer bij te stellen. Dat is aardig gelukt, oordeelt Selderhuis. ,,Een probleem blijft zijn onaantrekkelijke hoofd'', grapt hij. Dan, serieus: ,,Na afloop van een bijeenkomst hoorde ik vaak: tsjonge, ik heb een veel positiever beeld van de man gekregen. In een vrijzinnige protestantse gemeente waren ze onder de indruk van de sociale betrokkenheid van Calvijn. En het feit dat hij zo positief over vrouwen spreekt. Dat hadden ze niet gedacht.''

Kritiek

Koud was het jubileumjaar begonnen, of de Vrije Universiteit kwam begin januari met een eigen Calvijnweek. Wat ging er mis in de coördinatie? Selderhuis haalt zijn schouders op. ,,Als zij op eigen houtje zo'n week plannen, kunnen wij daar niets meer aan doen. We hebben daar niet moeilijk over gedaan en de activiteiten gewoon op de speciale Calvijnwebsite gemeld.''

Scherpe kritiek kwam er van de hervormde emeritus predikant en Calvijnkenner dr. W. de Greef. Het Instituut voor Reformatieonderzoek trok de Calvijnherdenking te eenzijdig naar zich toe, schreef hij in een opiniebijdrage. 'De Reformatie komt niet uit Apeldoorn', stond als kop boven het verhaal in het Reformatorisch Dagblad . Een doorn in zijn oog was ook dat in de verkoopstand bij de expositie in Dordrecht alleen de boeken van Selderhuis en de dissertatie van William den Boer over Arminius lagen. Andere boeken over Calvijn, waaronder die van hemzelf, ontbraken.

Over dat laatste punt is Selderhuis kort. ,,Realiseert hij zich wel dat wij onze nek hebben uitgestoken en fors hebben geïnvesteerd? De verkoop van boeken en wijn was bedoeld om weer wat geld terug te krijgen.''

De argumenten van De Greef vindt hij verder niet steekhoudend. ,,Het ging helemaal niet om Apeldoorn. De debatten waren in vier andere plaatsen, en de tentoonstelling was in Dordt. Ik denk dat hier ongenoegen meespeelt over het feit dat mijn instituut verbonden is aan een afgescheiden kerkgenootschap.''

Bij de Calvijnherdenking op 30 mei kondigde Selderhuis aan dat zijn Instituut voor Reformatieonderzoek het voortouw zal nemen voor een grote Reformatieherdenking in 2017. Vanaf volgend jaar komt er elk jaar een thema uit de Reformatie aan de orde, verbonden aan een jubileum. Inmiddels is een brede, interkerkelijke stuurgroep opgezet die de plannen gaat uitwerken. De Vrije Universiteit zit er dit keer ook bij. Heeft Selderhuis toch geluisterd naar de kritiek? ,,Nu ja, ik vind die niet terecht, maar als het beeld is ontstaan dat Apeldoorn te centraal staat, zal ik niet nalaten dat te corrigeren. Daarnaast is een herdenking van de Reformatie een nog omvangrijker thema dan Calvijn. De Reformatie heeft de hele samenleving veranderd, iedereen heeft daarmee te maken. Het is verstandig daar zo veel mogelijk organisaties bij te betrekken.''