Missionair – maar hoe?

De Protestantse Kerk zet missionair werk hoog op de agenda. De gemeente heeft een missionaire roeping: het Evangelie is er niet om voor jezelf te houden. Daar getuig je van in woord en daad. ‘Kerk naar buiten’ noemen we dat ook wel kort. Merkt onze omgeving iets van ons? De buurt? Het dorp? Maakt het uit dat er een kerk is? Nu leven er rond ‘missionair gemeente- zijn’ allerlei beelden. Mensen denken aan ‘evangeliseren’, en bedoelen dan: langs de deuren gaan met folders of op een zeepkist gaan staan. Zo niet, vinden velen. Dat is te opdringerig en levert ook weinig op, hooguit ergernissen. Maar hoe dan wel?

Vier vragen kunnen helpen om het denken op gang te helpen en ideeënop te roepen.

1. Waar zijn we sterk in, waar zijn we dankbaar voor als gemeente? Waar ligt onze kracht?

2. Hoe ziet onze omgeving eruit, wat voor mensen wonen er, wat zijn hun vragen, behoeften, verlangens? En wat merken ze van ons?

3. Wat doen we niet, wat kunnen we niet? (welke mensen bereiken we niet)? We zijn niet ‘alles’ voor ‘iedereen’, ook al zouden we dat wel willen. Veel gemeenten bereiken vooral de HBO- blanke middenklasse.

4. Wat doen anderen in onze omgeving? Andere wijkgemeentes? Andere kerkgenootschappen? Organisaties? Kunnen we iets van hen leren en misschien ook samenwerken? Ga eens gluren bij de buren!

Deze vier vragen (in willekeurige volgorde) kunnen de kleur van onze missionaire activiteit helpen bepalen. Als je als gemeente sterk bent in ‘leren’ en een goed programma hebt voor vorming en toerusting, zet dat dan in voor je missionair werk. Keer het naar buiten, probeer het programma zo te maken dat het ook aantrekkelijk wordt voor mensen buiten de kerk. Natuurlijk houd je daarbij rekening met je omgeving (vraag 2). Maar probeer niet geforceerd van alles te doen wat niet bij je past (vraag 3).

 

Ontdek wel wat anderen doen en zoek de samenwerking. Gemeenten en kerkgenootschappen verschillen. Je hoeft niet zo te worden als die evangelie-gemeente verderop, je hoeft ook niet rooms-katholiek te worden. Dat wil niet zeggen, dat je niet kunt leren van hun gastvrijheid, hun liturgie of hun sociale actie. En wat is er tegen samenwerken? Zo kan er op een ontspannen manier een beweging op gang komen, die uitnodigend is voor mensen buiten de kerk. ‘Eerlijk, vrijmoedig en gastvrij’ , zo typeerde een predikant uit Hilversum deze manier van werken.

 

In de missionaire ronde die dit jaar in iedere classis langs komt, krijgt u ideeën aangereikt. Niet om allemaal te doen, maar wel om de eigen creativiteit op gang te brengen. Vanuit de diepe overtuiging dat de beloften van God en de liefde van Christus bedoeld is voor heel deze wereld en voor alle mensen. Gebed, geloof en ontvankelijkheid voor de Geest zijn daarin de dragende kracht. Zonder dreigt het gevaar dat we activiteiterig in het rond gaan rennen of de moed gaan opgeven. Zodra je gaat bidden -echt bidden- open je jezelf voor nieuwe mogelijkheden. Dan laat je je opnieuw verrassen en groeit de hoop. Geen blind optimisme, maar hoop. Soms dwars door pessimisme en verslagenheid en verdriet heen.

 

Nynke Dijkstra- Algra, projectbegeleider missionair werk en kerkgroei, in Confessioneel.

 

Voor de missionaire ronde:zie www.pkn.nl/missionair